GES+

Printervriendelijke versiePDF version

Multifunctionele centra kunnen naast hun erkenning als MFC ook een erkenning GES+ aanvragen. Voorzieningen GES+ voorzien in aangepaste opvang voor jongere met extreme gedrags- en emotionele problemen (GES+).

In mei 2016 werd een evaluatierapport GES+ opgesteld. Hieruit kwamen enkele verbetervoorstellen voor die geleid hebben tot nieuwe regelgeving en uitbreiding GES+. Het doel was de werking GES+ te optimaliseren en te stroomlijnen.

Op 16 juni 2017 werd een infonota rondgestuurd betreffende de herverdeling en uitbreiding van het aanbod GES+. Aan de voorzieningen die reeds een GES+ aanbod hadden werd gevraagd of zij dit wouden behouden, afbouwen of uitbreiden. Daarnaast was ook nog verdere uitbreiding mogelijk. Deze oproep stond open voor alle voorzieningen die zich richten tot minderjarigen met gedrags- en emotionele stoornissen. Zowel voorzieningen erkend door het VAPH als voorzieningen erkend door Jongerenwelzijn konden hierop kandideren. Wel moet steeds voldaan zijn aan de erkenningsvoorwaarden voor een MFC. De specifieke erkenningsvoorwaarden voor een GES+ unit werden opgenomen in de infonota en voorzieningen konden intekenen door middel van een aanvraagformulier.

Daarnaast werd op 8 oktober 2018 de nieuwe regelgeving GES+ definitief goedgekeurd (informatief 2018/131).

De regelgeving legt enkele nieuwe erkenningsnormen op waaraan de voorzieningen GES+ moeten voldoen:

  1. Men richt zich tot gebruikers met een normale begaafdheid tot licht verstandelijke handicap en GES+ of gebruikers met een matige of ernstige verstandelijke handicap en GES+.
  2. De capaciteit van het MFC GES+ moet minstens 6 gebruikers met GES+ residentieel kunnen ondersteunen. GES+ units die nog niet aan deze capaciteit voldoen, krijgen 3 jaar de tijd om dit in orde te brengen.
  3. Het MFC moet beschikken over de module voor ondersteuning van minderjarigen met GES+.
  4. GES+ units moeten beschikken over een aangepaste infrastructuur die bescherming en veiligheid kan bieden indien de problematiek van de gebruiker dit vereist. Indien de infrastructuur dit niet toelaat, krijgt de voorziening 3 jaar de tijd om dit in orde te brengen.
  5. Een besloten aanbod moet kunnen geboden worden als de problematiek van de gebruiker dit vereist
  6. Een MFC GES+ moet voltijdse ondersteuning kunnen bieden, 7/7, indien de problematiek van de gebruiker dit vereist.
  7. Het MFC GES+ kan gebruikers tot de leeftijd van 25 jaar vervolgondersteuning bieden, zoals geregeld in artikel 9, §2 van de regelgeving MFC.
  8. In de regio moeten MFC’s GES+ het in onderlinge samenwerking mogelijk maken dat de gebruikers tot de leeftijd van 21 jaar residentiële ondersteuning kunnen bekomen.
  9. 50% van de totale capaciteit MFC GES+ uit de regio moet prioritair worden ingezet voor de uitstroom uit de gemeenschapsinstellingen. De MFC’s moeten hiervoor samenwerken.
  10. Dit artikel bepaald dat MFC’s GES+ zowel sectoraal als intersectoraal moeten samenwerken.
  11. MFC’s GES+ moeten instaan voor kennisoverdracht naar de andere sectoren die betrokken zijn bij de ondersteuning van de gebruikers GES+.

De nieuwe regelgeving omvatte ook een verhoging van de omkadering van de GES+ werking. Deze werd opgetrokken van 1,75 VTE per zes naar 2 VTE. De middelen hiervoor kwamen uit de begroting 2018 van het VAPH. In kader van VIA V werden nog extra bijkomende middelen voor de GES+ units voorzien. Het gaat om een verdere verhoging met 0,75 VTE per unit van 6. Ook deze werden ingeschreven in de regelgeving.

De GES+ werkingen worden net zoals de werkingen COS en OBC op termijn ingekanteld in het agentshap Opgroeien. Deze inkanteling zal gebeuren op 1/1/2020.