13/11/2020 - Online Studiedag - Traumasensitief (be)handelen met de ontwikkeling van het brein als leidraad

Printervriendelijke versiePDF version

link : https://www.sig-net.be/nl/vorming/online-studiedag---traumasensitief-beh...

Deze online studiedag overlapt in grote mate met de 1ste dag van het tweedaagse congres.

Het Neurosequential Model of Therapeutics (NMT) van Dr. Perry biedt een vernieuwende, ontwikkelingsgerichte kijk op kinderen. De ontwikkeling van het brein (en dus van kinderen) vormt daarbij de leidraad. Deze diagnostische bril geeft ons een beter zicht op de krachten en beperkingen van kinderen die trauma of verwaarlozing meemaakten tijdens hun vroege kinderjaren. Vanuit deze analyse biedt het model inspiratie voor een omvattende traumasensitieve therapeutische aanpak. De ontwikkeling van kinderen wordt niet alleen binnen de muren van een therapielokaal gestimuleerd. De sleutel tot verandering is vooral te vinden in het bijsturen van de dagelijkse leefwereld. We hebben dus iedereen (ouders, begeleiders/opvoeders, therapeuten, leerkrachten, trainers in de sportclub, enz.) rond het kind nodig om de behandeling te laten slagen. Samen vormen ze één krachtig therapeutisch web rond de jongere!

Tijdens deze online studiedag volgt u in de voormiddag twee lezingen. In de namiddag kan u zich inschrijven voor twee keuzelezingen, begeleid door medewerkers van OBC Espero-Ter Wende. Ten laatste twee weken voor het event krijgt u een e-mail met de link naar een GoogleForm waar u twee lezingen kiest.

Lezingen in de namiddag
1: Traumasensitief aan de slag met ouders

Werken met kinderen betekent uiteraard ook werken met ouders. Meer nog, zonder de ouders kunnen we meestal niet aan de slag met de kinderen. De meeste ouders van kinderen in een voorziening hebben zelf een beladen voorgeschiedenis. Ook zij moesten vaak liefde missen en groeiden op in gezinnen waar conflicten en breuken erg aanwezig waren. De pijnlijke ervaringen uit het verleden spelen mee in het heden. Het heeft invloed op de relatie met hun partner en hun kinderen. Het is dus belangrijk oog te hebben voor het mogelijk trauma bij de ouders. Stapsgewijs en op maat zoeken we wat nodig is om ouders weer in hun kalme brein te krijgen. We werken langzaam aan hernieuwde relatieopbouw. Samen zoeken we hoe we het netwerk van ouders kunnen uitbreiden en als het kan, gaan we aan de slag met hun eigen pijnlijke ervaringen uit de voorgeschiedenis. In deze bijdrage leggen we uit hoe we ouders hierbij helpen. We laten ook de ouders zelf hun ervaringen delen via videoboodschappen.

2: Traumasensitief behandelen in de leefgroep

Met de inzichten van het NMT-model gaan we aan de slag in de dagelijkse realiteit van een leefgroepwerking. We proberen antwoorden te geven op de volgende vragen: Hoe organiseer je een leefgroep aangepast aan de noden van kinderen met vroegkinderlijk trauma? Hoe sluiten we aan bij de ontwikkelingsleeftijd van kinderen en jongeren? Hoe krijg je kinderen in hun kalme brein? Hoe zorg je voor een therapeutisch web? Welke kaders helpen om ons staande te houden in het uitdagende en soms overspoelende werk van een leefgroep? We illustreren dit met beeldmateriaal.

3: De T in de NMT-schets van een therapeutisch aanbod in het NMT-kader

Tijdens deze workshop staan we stil bij (individuele) therapie vanuit de NMT-principes. We werpen een blik op onze 'pre- en post-NMT-periode' en schetsen de evolutie van onze visie op therapie. We illustreren hoe NMT soms opvallende en dan weer subtiele veranderingen bracht, hoe het verbaal en non-verbaal aanbod diverser werd en op welke manier we therapie nóg meer volgens ‘state and stage’ inzetten. Ten slotte kaderen we onze ambitie om een therapeutisch web te spinnen tussen zorgverleners en opvoedingsfiguren. Kortom, we hangen aan de NMT-kapstokken onze ‘Ter Wende-Espero-jassen’ op. Dit doen we vanuit een praktijkgerichte invalshoek.

4: Traumasensitief werken op school

De meeste uren van een dag zitten kinderen op school. We weten dat het meest helende voor kinderen met vroegkinderlijk trauma is dat al de volwassenen in hun omgeving op dezelfde manier naar hen kijken en hun aanpak op elkaar afstemmen. Ontdekken dat niet elk kind hetzelfde nodig heeft, kan helpen om tot meer rust te komen in de klas. Vergeet niet dat een kind maar kan leren met een kalm brein: first regulate, then relate, then reason. Maar hoe krijg je als leerkracht, een kind in een kalm (lerend) brein?